Paardenbloem
Groente (Asteraceae)
PAARDENBLOEM
 
PAARDENBLOEM | TARAXACUM OFFICINALIS
BLOEMBLAADJES EN -KNOPPEN

PAARDENBLOEM (PAARDENSLA)

De eetbare paardenbloem (Taraxacum officinale) is één soort temidden van wel 150 familieleden, die niet eetbaar zijn.

Dus kom je een paardenbloem tegen, vergewis je ervan dat het ook daadwerkelijk een paardenbloem is, ga er niet klakkeloos van uit dat je pad een eetbare paardenbloem kruist. Een waarschuwing vooraf.

De plant groeit vanuit de penwortel met tien of meer harige, paarsachtige stengels, die zo'n 40 cm lang kunnen zijn, maar ook langer. De bladeren zijn donkergroen en worden zo'n 20-40 cm. De penwortel kan heel diep reiken, en wanneer deze afbreekt kan er opnieuw een plant uit groeien. De bekende pluizige parachutes zijn de dopvruchtjes waarmee de plant zich voortplant. Ze kunnen op de wind een afstand van wel 10 kilometer overbruggen.

De paardenbloem is een hermafrodiet, en plant zich merendeels voort door apomixie, waarbij het vruchtbeginsel tot een zaadje uit groeit, zonder bevrucht te zijn. Hierdoor kloont de paardenbloem zichzelf. Hij kan zich ook voortplanten door bevruchting. De plant bloeit hier van april tot mei, in andere streken soms nog iets eerder en soms zelfs tot november.

Het is een veelzijdige groente waarvan zowel de bladeren als de bloemen gebruikt worden. Omdat paardensla bitter kan zijn (de onge bladeren zijn overigens minder bitter dan de volwassen bladeren), dekt men de plant af waardoor deze 'bleekt'. In ons land noemt men deze bleke paardensla molsla naar de paardenbloemen die in molshopen worden gevonden.

AANKOOP EN GEBRUIK

Paardenbloem is hier nauwelijks verkrijgbaar. De jonge bladeren zijn smakelijker dan de uitgegroeide bladeren, die zeer bitter kunnen zijn. Bewaar de bladeren, gebleekt of niet, zoals kruiden bewaard worden, in een vochtige doek gewikkeld in de koelkast.

Hiervoor is al gewaarschuwd voor verwarring in het herkennen van de eetbare paardenbloem. Sommige Taraxacum-soorten verschillen uiterlijk nauwelijks, soms alleen de vorm van het zaad. Ook niet-Taraxum-planten zoals de Leeuwentand (Leontodon) en Gewoon biggenkruid (Hypochaeris radicata) lijken niet alleen op paardenbloem, maar worden ook wel zo genoemd.

De groene bladeren worden meestal gekookt, bereid zoals spinazie. De bloemknoppen worden als asperges gegeten, de bloemblaadjes gegeleerd of verwerkt in wijn. De bladeren van gebleekte paardenbloem zijn knapperiger dan die van 'groene' paardenbloem, en minder bitter. Daardoor is witte paardensla beter geschikt voor gebruik in salades. Witte paardensla combineert uitstekend met vlees en vis.

BEREIDINGSTIJDEN (KOOKTIJDEN) PAARDENSLA
smoren
15-20 minuten
koken
12-15 minuten
roerbakken
3-5 minuten
grilleren
8-12 minuten
stomen
13-16 minuten
 

OORSPRONG EN VERSPREIDING

De paardenbloem komt van oorsprong voor in Azië en in Europa, maar tegenwoordig door verspreiding door de mens in vrijwel alle werelddelen. Hij groeit tot op een hoogte van 2000 meter.

De uitgezworven zaadjes kunnen jaren (naar zeggen wel 9 jaar) goed blijven, waardoor de paardenbloem in sommige regio's als onkruid groeit, bijvoorbeeld doordat het is meegekomen met grondtransport. Het is een plant die in veel bodemsoorten gedijt, en sowieso een plant die houdt van geroerde grond, een echte pionier.

TAALKUNDIGE ASPECTEN, ETYMOLOGIE

Oude Nederlandse benamingen zijn 'niemandsverdriet' naar de spreekwoordelijke onuitroeibaarheid van paardenbloemen, en bedplasser, de Franse benaming, inderdaad een samenvoeging van pisse-en-lit, wat in bed plassen betekent. Paardenbloem staat dan ook bekend om zijn vochtafdrijvende eigenschappen.

Andere Oud-Nederlandse benamingen zijn melkbladen en melkwitsel (vanwege het witte melksap), kettingbloem, naar de bloeiwijze, en bij verder spiten, kom je benamingen tegen als keerelcruydt (16e eeuws), canckerbloemen, houtroosen, peerdtsbloemen en schroftbloemen. In het Fries wordt paardenbloem wel hijgsteblom genoemd.

De term officinalis duidt op het traditioneel medicinale gebruik van de plant.

VERTALING PAARDENBLOEM

engels
(common) dandelion
frans
pissenlit, dente de lion
italiaans
taràssaco comune
spaans
 
achicoria amarga,
diente de león
duits
(gewönliche) löwenzahn
hindi (india)
 
indonesisch
tanaman jombang
japans
 
vietnamees
thực vật có hoa
chinees
pu gong ying 蒲公英
 
kantonees: pou gung jing
 

GEZONDHEIDSASPECTEN

VOEDINGSSTOFFEN - GEZONDHEIDSRISICO'S

De Fransen leggen het uit met hun benaming pissenlit, een samenvoeging van pisse-en-lit, wat in bed plassen betekent. Paardenbloem staat bekend om zijn vochtafdrijvende eigenschappen. De bitterheid zou bovendien eetlustopwekkend zijn.

De bladeren zijn rijk aan vitamine A en C en bevatten meer ijzer en calcium dan spinazie.

SAMENSTELLING PER 100 GRAM
PAARDENSLA

45
kcal
( 188,3 kJoule)
2,7
gram
eiwitten
9,2
gram
koolhydraten
3,5
gram
vezels
0,7
gram
waarvan suikers
0,7
gram
vet
0,2
gram
verzadigd
0,3
gram
meervoudig onverzadigd
44
mg
omega-3
261
mg
omega-6
VITAMINES
3386,7
µg
vitamine A
(423% ADH)
0,2
mg
vitamine B1
(18% ADH)
0,3
mg
vitamine B2
(21% ADH)
0,8
mg
nicotinezuur
(5% ADH)
0,1
mg
pantotheenzuur
(2% ADH)
0,3
mg
vitamine B6
(21% ADH)
27
µg
foliumzuur (B9)
(14% ADH)
35
mg
vitamine C
(44% ADH)
3,4
mg
vitamine E
(28% ADH)
778
µg
vitamine K
(1037% ADH)
MINERALEN
187
mg
calcium
0,2
mg
koper
3,1
mg
ijzer
397
mg
kalium
36
mg
magnesium
0,3
mg
mangaan
76
mg
natrium
66
mg
fosfor
½
µg
selenium
0,4
mg
zink
 

BRONVERMELDING UPDATE AUGUSTUS 2016

Taraxacum officinale | Wikipedia (EN/FR/NL) Dandelion leaf, nutritionfacts (voedingswaarde) | Nutritiondata.self.com