Snijbiet wordt beschouwd als één van de gezondste groenten. Het heeft een enigszins bittere smaak en wordt gebruikt in verschillende culturen over de hele wereld, waaronder de mediterrane en de Arabische keukens. Verse jonge snijbiet kan rauw in salades worden gebruikt. Volgroeide snijbietbladeren en -stengels worden meestal gekookt (zoals in pizzoccheri) of gebakken; hun bitterheid vervaagt met het koken, waardoor een verfijnde smaak tevoorschijn komt die delicater is dan die van gekookte spinazie.
In Vlaanderen wordt snijbiet ook wel warmoes genoemd, waar in Nederland 'warme groente' mee bedoeld.
Was snijbiet zorgvuldig. Na het schoonmaken snijd je het blad van de steel. De steel heeft namelijk een langere bereidingstijd nodig dan het blad. Het blad slinkt snel, vergelijkbaar met het blad van paksoi en spinazie.
Snijbiet is kort houdbaar. Je kunt deze groente hooguit 2 dagen in de groentenla van de koelkast bewaren.
Snijbiet is er van de zomer tot en met de winter. Hij wordt in maart en april in de volle grond gezaaid, soms ook nog in juli en augustus voor een late oogst. Zodra de plant 10-15 cm hoog is, wordt het blad afgesneden. Na enkele weken kan de hergroei ook weer geoogst worden. De laatste oogst vindt in september plaats.
De snij- of bladbiet heeft een lange teeltgeschiedenis die begint in het tweede millennium voor Christus. De plant is waarschijnlijk gedomesticeerd aan de Middellandse Zee en van daaruit verspreid naar Babylonië (8ste eeuw voor Christus) en het Verre Oosten (9e eeuw na Christus). Uit oude Griekse geschriften blijkt de populariteit van de groene snijbiet, later verdrongen door de spinazie.
In Vlaanderen wordt snijbiet ook wel warmoes genoemd, waar in Nederland 'warme groente' mee bedoeld, een veel ruimere betekenis dus.
Geen betrouwbare of volledige informatie beschikbaar.