top
Kalebasnootmuskaat
Monodora myristica
Kalebasnootmuskaat
 
vruchten van de monodora myristica in kameroen
MONODORA MYRISTICA ©2012

Kalebasnootmuskaat

Ehuru of pèbè

De kalebasnootmuskaat is een Afrikaanse specerij, niet verwant aan de 'echte' nootmuskaat (Myristica fragrans), behalve qua smaak en aroma dan. Het is het zaad van één van de veertien soorten Monodora-bomen uit de custardappelfamilie (Annonaceae).

De Monodora myristica is een tropische boom, die een hoogte van 35 meter kan bereiken. In het Engels heet hij Orchid flower tree, in het Igbo Ehuru ofia. De Engelse benaming is terecht, zijn prachtige bloemen lijken op orchideeën. Van april tot juni ontwikkelt de boom groene, gestippelde vruchten, die wel 20 cm groot worden. Ze hangen aan een forse steel, die wel 60 cm lang kan worden.

Wanneer ze rijpen worden ze diepbruin. Ze vallen van de boom en barsten open, waarbij de zaden vrij komen. Een enkele ucht kan wel 120 zaden bevatten. Deze bevinden zich in een lichtgeel pulp, dat zelf ook eetbaar is, en in hartige en zoete bereidingen gebruikt wordt.

Andere soorten Monodora, zoals de Monodora crispata en de Monodra junodii groeien in een groter deel van tropisch Afrika, de laatste ook zuidelijker, in Zuid-Afrika en Zimbabwe. De vruchten van deze soorten worden niet gegeten. De Monodora junodii is de kleinste soort (7 meter) en draagt groene, grapefruit-grote vruchten waarnaar hij de 'groenappel' wordt genoemd. De 'appels' zijn droog en practisch oneetbaar.

Voor het oogsten van de kalebasnootmuskaat voor de zaden worden de vruchten veelal geraapt, waarna de zaden eruit worden gehaald, en gewassen. De verse zaden zijn bleekbruin, hebben een dunne schil en een harde kern en zijn erg geurig. Ze zijn ovaal en ongeveer twee en een halve centimeter lang. De zaden een beetje zoete, houtige smaak, met vrij peperige scherpte, die doen denken aan 'echte' nootmuskaat.

  • myristicine (42,6%), warm kruidig, als balsamico, in kaneel, nootmuskaat, zwarte peper, assam peper en peterselie
  • elemicine (3,8%), hallucigonene, scherp ruikende stof in nootmuskaat,
  • koffiezuur (23,4%), een bittere stof, aanwezig in tijm, salie en koffie, maar ook in steranijs en kaneel,
  • euganol (1%), typerend voor de geur en smaak van kruidnagel
  • β-phellandreneen, mintig en terpentijn,

De ehuru (wat ehu-zaad betekent) is een traditioneel West-Afrikaanse specerij, geen substituut voor 'echte' nootmuskaat, alhoewel deze laatste steeds meer terrein wint in Afrika, waardoor de kalebasnootmuskaat aan populariteit in boet. De ehuru heeft een eigen smaak en aroma, die past bij de Afrikaanse kooktradities.

Practische zaken

Aankoop en verkrijgbaarheid

De zaden zijn ongepeld en gepeld verkrijgbaar en gemalen, onder meer onder de Nigeriaanse naam 'ehuru' of kalebasnootmuskaat.

Culinair gebruik en bereiding

Alle delen van de boom worden gebruikt, maar alleen de zaden zijn bestemd voor consumptie.

De schaal van het gedroogde ehuru-vruchtje laat zich vrij eenvoudig verwijderen, met een scherp mesje. Alleen de pit - het feitkleijke zaadje - wordt gebruikt. Het verdient aanbeveling om deze pas op het laatste moment te raspen, daarvoor kan een reguliere, vlakke nootmuskaatrasp of een Microplane gebruikt worden, het zaadje is vrij zacht, zeker vergeleken met echte notmuskaat. Om de aroma's te versterken wordt het rasp droog geroosterd voor gebruik; het handigst is overigens, om het ehuru-zaadje te roosteren voordat je het maalt.

Je kunt de geraspte ehuru laat in de bereiding toevoegen, maar ook mee stoven. Wees hoe dan ook voorzichtig met doseren.

In Nigeria wordt ehuru gebruikt in klassiekers als Banga en Ogbonna pepersoep - tezamen met ashantipeper (Afrikaanse cubeb, Piper guineense) - en Isi ewu, een stoofgerecht met geitenvlees. Ehuru combineert uitstekend met wit vlees, en vis. Nieuwe combinaties met ehuru zijn er ook, zoals ehuru-popcorn.

slotregel

Oorsprong en verspreiding

De kalebasnootmuskaat komt van origine uit West-Afrika, in een gebied dat zich uit strekt van Sierra Leone tot Angola. Het is één van de belangrijkste specerijenbomen die in de bossen van West-Afrika, in het bijzonder Nigeria, groeit.

Desondanks heeft de specerij buiten het groeigebied nauwelijks aanzien, zeker niet in vergelijking tot Aziatische specerijen. Daarin is een parallel te trekken met (het aanzien van) de Afrikaanse keuken. Voor iedere Afrikaanse specerij bestaat wel een Aziatisch alternatief, waardoor zelfs het gebruik in de eigen regio onder druk is komen te staan.

In Ghana bijvoorbeeld ziet men de kalebasnootmuskaat eerder als purgeermiddel dan als specerij. Nog altijd, want de specerij is in Ghana nooit echt aangeslagen. Tijdens de periode van de slavenhandel in de achttiende eeuw is de plant mee naar de Cariben gereisd, vandaar dat hij ook onder de naam Jamaicaanse nootmuskaat bekend staat.

De boom groeit ook buiten het oorsprongsgebied op het Afrikaans continent, in Gambia, Soedan, Kenia en Tanzaniaen daarbuiten, in Jamaica, op de Antillen en in Indonesië. Niet overal vormt de boom ook vruchten.

Taalkundige aspecten, etymologie

De geslachtnaam Monodora is gevormd uit de Griekse woorden monos (enkel) en dor (huid).

De gebruikelijke populaire benamingen voor de kalebasnootmuskaat zijn ehuru (Igbo), ariwo (Yoruba), en vanwege de Jamaicaanse link Jamaicaanse nootmuskaat.

Benamingen in diverse talen

engels
green apple, calabash nutmeg
frans
muscadier de calabash
italiaans
 
spaans
 
duits
kalabassenmuskat.
arabisch
 
hindi (india)
 
indonesisch
 
japans
 
vietnamees
 
chinees
 
bassa
 
bini
ikposa
edo
uyengben
haussa
gujiya dan miya
ibibio
 
igbo
ehuru, ehu
ikale
ehinawosin
itsekeri
iwo
urbobo
erhe
wolof
 
yoruba
ariwo, ilokasin
 
slotregel

Duurzaamheid

Van de vijftien soorten Monodora zijn er vijf op de Internationale rode lijst geplaatst, waarvan één als bedreigd. De Monodora carolinea, die groeit in een afgebakend gebied van 60 vierkante kilometer in Mozambique en Tanzania, wordt bedreigd door kap.

Gezondheidsaspecten

Voedingswaarde, gezondheidsrisico's

Je zult van de specerij te weinig gebruiken om je echt zorgen te maken over de bijdrage aan de inname van bouwstoffen of vitaminen. Voor de volledigheid geven we een overzicht op de belangrijkste items. Vitamines bevat het zaad slechts spaarzaam.

Het zaad wordt medicinale eigenschappen toebedeeld en ingezet als purgeermiddel, als middel tegen maagpijn, ontstekingsremmer bij rheumatoïde aandoeningen, diabetus mellitus en als cholesterolverlager. En de lijst is nog langer. Zo wordt er een soep mee gebrouwen die aan jonge moeders wordt gegeven op de dag van de bevalling tegen complicaties en ter bevordering van moedermelk. En men gelooft bovendien dat babys voorspoedig groeien als ze ehuru eten.

Samenstelling per 100 gram rauw product

9,3
gram
eiwitten
44,8
gram
koolhydraten
13,6
gram
vezels
8,9
gram
vet
MINERALEN
189
mg
calcium
3,5
mg
ijzer
317
mg
kalium
82,7
mg
magnesium
38,7
mg
natrium
269
mg
fosfor
slotregel

Bronvermelding update november 2020

Monodora myristica, a plant with multiple food, health and medical applications, a review | A. Agiriga and M. Siwela, American journal of food technology, 2017 ISSN 1557-4571 Comparitive study of the essential oils of Monodora myristica from Nigeria | A.I. Owokotomo, O. Ekundayo Federal University of Technology, Akure, European Chemical Bulletin (ECB) 2012, 1(6), 263-265 Calabash nutmeg (Monodora myristica) | Wikipedia (EN) Calabash nutmeg (Monodora myristica) | KEW Royal botanical gardens Nigerian pepper soup | Avartsy cooking Flavour extraction from Monodra myristica | R. Enwereuzoh, May 2015, European journal of food science and technology vol 3 no 2 pp1-17, European Centre for Research Training and Development UK Nutritional Evaluation of Some Selected Spices Commonly Used in the South-Eastern Part of Nigeria | C. Okonkwo, 2014, Journal of biology, agriculture and healthcare, vol 4 no 15 ISSN 2224-3208 Monodora myristica | Useful tropical plants Plant database: monodora | The plantlist, Royal Botanic Gardens, Kew and Missouri Botanical Garden Monodora junodii, green apple | Flora of Zimbabwe Monodora carolinae | IUCN Red List of threatened species 2015.4